De opvoedfouten die iedere ouder maakt

Opvoeden kan je niet helemaal uit boeken leren. Het is toch echt dat je het leert door de jaren heen. Maar waar ouders en kinderen vaak ruzie over maken, is er toch één gezamenlijk doel: onafhankelijkheid.

Hieronder is een lijst te vinden met opvoedfouten die iedere ouder wel eens maakt, en dat vaak zonder dat je het zelf door hebt. Opvoeden is immers een lange levensweg en dat doe je niet in een paar jaar.

1. Grenzen stellen

Kinderen overschrijden graag alles en proberen vaak de grens op zoek te zoeken. Want tot hoe ver kan je nu eigenlijk gaan bij pappa en mamma? Wees consequent en stel grenzen. Kinderen leren vooral door te observeren wat er in de omgeving gebeurt en dit testen zij door aanraking, geluid, bewegingen en emoties. Je begint met fysieke grenzen op te stellen, maar na verloop van tijd stel je ook mentale grenzen op.

Grenzen zijn er niet om een kind af te straffen, en zo voelen kinderen dit ook niet. Grenzen geven kinderen namelijk het gevoel van waardering, liefde en veiligheid. Bovendien leren kinderen verantwoordelijk te worden voor hun eigen acties.

2. Consequenties verbinden aan het gedrag

Er komt een moment dat je kleine gaat testen hoe ver hij of zij kan gaan wat betreft de grenzen die je gesteld hebt. Het is belangrijk dat je consequenties gaat verbinden aan het overschrijden van deze grenzen. Het probleem is vaak dat ouders hun kinderen helemaal niet willen straffen. Je probeert je kleine dan maar vaak te waarschuwen en je hoopt dat dit dan goed is. Niets is minder waar, als je geen consequenties stelt is de kans groot dat je kind gaat denken dat je makkelijk gemanipuleerd kan worden.

3. Je bent geen vrienden met je kind

Hoe hard dit ook klinkt, je bent geen vrienden met je kind. Maar wat ben je dan wel? Je bent een leider, een leraar, een gever en je zorgt voor je kinderen. Je kinderen moeten op jou kunnen bouwen. Het kan vaak vervelend zijn, maar soms moet je gewoon als politieagent optreden tegen je kroost.

4. Geef niet continu toe

Je kleintje vraagt om iets en je zegt nee. Daarna wordt het nog vijf keer gevraagd en tevergeefs zeg je vijf keer weer nee. Nu het voor de zevende keer wordt gevraagd wordt je langzamerhand boos en je kleine begint hard te huilen of te zeuren in een overvolle supermarkt. Klinkt dit bekend? Je moet absoluut niet toegeven. Doe je dit wel? Dan gaat je kind denken dat hij of zij alles voor elkaar kan krijgen door simpelweg door te blijven zeuren. Nee is nee.

5. Vergelijken en bekritiseren

Wat echt niet kan tijdens het opvoeden is een negatieve vergelijking en/of je kind publiekelijk te kijk zetten. Dit wordt ook wel vergeleken met verbaal geweld. Het kan in sommige gevallen zelfs de ontwikkeling van je kind tegengaan. Ook ligt een laag zelfbeeld en depressie op de loer als dit herhaaldelijk voorkomt. Vaak wordt gedacht bij vergelijken (kijk eens naar hoe goed je broer het doet) en bekritiseren dat kinderen het dan beter gaan doen. Het tegendeel is echter waar, kinderen voelen zich verraden en vernederd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *